Zoek op term

Lezing 'Van boerendorp naar burgerdorp'

di. 8 sep. 2015 (afgelopen)

Lezing 'Van boerendorp naar burgerdorp'

Van welke kant men een dorp in de negentiende eeuw ook binnenkomt, het beeld is altijd hetzelfde: het beeld van een boerendorp. In nauwe samenhang met het natuurlijk milieu oefent de boer er zijn bedrijf uit. ‘Hoe kom ik aan mest?’ is de centrale vraag die hij zich bijna dagelijks kan stellen, want de zandgrond waar hij op moet boeren, is van nature niet erg vruchtbaar. De boerderijen liggen in de nabijheid van de akkers en vormen met elkaar lange linten langs de wegen, hetgeen het dorp de kwalificatie ‘lintbebouwingsdorp’ oplevert.

De vele veranderingen aan het einde van de negentiende en in het begin van de twintigste eeuw (mechanisatie, kunstmest, ontwikkeling verkeer en vervoer) luiden de overgang in naar een boerenbedrijf waar niet langer de mest centraal staat, maar de productie van melk, vlees en eieren. De ambachtslieden en de winkeliers proberen de dorpsgemeenschap zo goed mogelijk van dienst te zijn en van concurrentie uit de stad hebben ze weinig te vrezen. Het sociale leven bloeit op en diverse nieuwe verenigingen zien aan het begin van de twintigste eeuw het levenslicht. Maar welke activiteiten er in het dorp ook ontplooid worden, het alziende oog van de kerk is altijd aanwezig en corrigeert indien nodig.

Na de Tweede Wereldoorlog slaat door schaalvergroting, intensivering, mechanisatie en rationalisering de weegschaal voor de boer naar de andere kant door. Hij wordt agrarisch ondernemer en leidt op bijna wetenschappelijke wijze zijn bedrijf. Niet ‘hoe kom ik aan mest?’ is zijn probleem, maar eerder ‘hoe kom ik er vanaf?’ 

Rond 1950 verschijnen de eerste rijtjeshuizen in het dorp, spoedig gevolgd door complete nieuwbouwwijkjes met doorzonwoningen. ‘Veel glas, een bankstel en een dressoir met plastic rozen,’ zingt Wim Sonneveld. De vlucht uit de stad begint op gang te komen en met de stedelingen verschijnen ook de stedelijke activiteiten op het platteland, dat meer en meer de status van achtertuin van de stad begint te krijgen.

Het wegenpatroon moet zich aanpassen aan de motoriseringsgolf en de laatste grindwegen verdwijnen onder een dikke laag asfalt. De auto bepaalt voortaan het straatbeeld en niet de hondenkar of het paard met wagen. De een na de andere kleine winkel sluit en andere voorzieningen lopen het gevaar dezelfde kant uit te gaan. Nieuwe voorzieningen, die weinig met het dorp zelf van doen hebben, maken daarentegen hun opwachting. Intussen is het aantal boeren op één hand te tellen. Het dorp is voorgoed een burgerdorp geworden.

Deze lezing wordt verzorgd door Ton Cruijsen op dinsdag 8 september in Natuur- en Milieucentrum De IJzeren Man, Geurtsvenweg 4 in Weert.

De aanvang is 19.30 uur en de toegang is gratis.

 


VerbergenInformatie
19.30 uur
Gratis
VerbergenNatuur- en Milieucentrum De IJzeren Man
Natuur- en Milieucentrum De IJzeren Man
Geurtsvenweg 4
6006 SN Weert
Nederland
0495 524893